Website laten maken
Webteksten schrijven voor je eigen zaak
Webteksten schrijven voor je zaak: waar je de inhoud haalt, wat in je eerste alinea moet, en drie toetsen om elke webtekst te keuren.
In dit artikel
- Waar haal je wat er in je webteksten moet?
- Hoe schrijf je de eerste alinea van een webtekst?
- In welke woorden schrijf je?
- Hoe lang moet een webtekst zijn?
- Wat hoort er op elke pagina, naast de tekst zelf?
- Mag ChatGPT of een andere AI-assistent je webteksten schrijven?
- Hoeveel tijd kost zelf schrijven?
- Drie toetsen voor elke webtekst, ook een die je niet zelf schreef
- Wie schrijft je webteksten het best?
- Veelgestelde vragen
- Je webteksten laten schrijven
Goede webteksten beginnen bij de vragen die je klanten je nu al stellen. Je eerste alinea zegt wat je doet en waar, en wat de bezoeker nu kan doen. Daarna beantwoord je zijn vragen in de volgorde waarin hij ze stelt, in zijn eigen woorden en met feiten in plaats van beloftes.
Die vragen hoor je elke week, aan de telefoon, in je mailbox en aan je toonbank. Je klant stelt ze meestal in dezelfde woorden die hij ook in Google intikt. Schrijf ze op, en je hebt de inhoud van je site al: elke vraag wordt een tussenkop, elk antwoord een alinea.
Waar haal je wat er in je webteksten moet?
Uit de vragen die klanten je stellen voor ze beslissen. Leg een week lang een blaadje naast de telefoon en noteer elke vraag die binnenkomt, ook die via WhatsApp, per mail of aan de balie. Schrijf ze op zoals de klant ze zegt, ook als jij het anders zou noemen. Na die week zie je welke vragen telkens terugkomen.
Elke vraag die twee keer terugkomt, krijgt een plek op je site: een eigen tussenkop, of een zin op de pagina waar de twijfel ontstaat. Zo kan het blaadje van een kinesitherapeut eruitzien na een week:
| Wat de klant vroeg | Waar het op de site komt |
|---|---|
| "Heb ik een voorschrift nodig?" | Tussenkop op de pagina over een eerste afspraak |
| "Hoe lang duurt een eerste sessie?" | Zin onder die tussenkop, met het aantal minuten |
| "Kan ik na mijn werk nog terecht?" | Openingsuren in de eerste alinea van de startpagina |
| "Doen jullie ook huisbezoeken?" | Eigen tussenkop, met de gemeenten waar je komt |
Het werkt omdat je zelf niet meer ziet wat voor jou vanzelf spreekt. Na tien jaar in je vak vergeet je dat een vreemde niet weet of je 's avonds werkt, of wat een eerste afspraak inhoudt. Je klanten merken het wel, want ze vragen het je elke week. Daarom is dat blaadje ook het eerste wat je meegeeft als je je website laat maken: wie je teksten schrijft, hoort je telefoon niet.
Hoe schrijf je de eerste alinea van een webtekst?
Je zet erin wat je doet, waar, voor wie, en wat de bezoeker nu kan doen. Op een telefoon is die alinea je eerste scherm, en de meeste bezoekers van een kleine zaak komen op een telefoon. Ze kan ook het grijze stukje tekst worden dat onder je naam in Google staat. Dat stukje haalt Google meestal uit je pagina zelf, uit het deel dat het best past bij wat iemand zocht.
Schrijf de alinea daarom zo dat ze ook los van de rest klopt. "Welkom op onze vernieuwde website" zegt op geen van die plekken iets. Vergelijk het met deze: "Dakwerken en herstellingen aan platte daken in Aalst en omgeving. Lekt je dak, dan staan we binnen twee werkdagen bij je voor een kijkje. Bel of stuur een foto via WhatsApp." Wie dat leest in Google, op zijn telefoon of bovenaan je pagina, weet genoeg om te beslissen of hij verder klikt.
Zet er gerust praktische dingen in, zoals je openingsuren, de buurt waar je zit en of je aan huis komt. Precies dat wil iemand weten voor hij de telefoon pakt.
In welke woorden schrijf je?
In de woorden die je klant intikt en uitspreekt, ook als ze in jouw vak niet helemaal juist zijn. Wie een onderwerp goed kent, zoekt met andere woorden dan wie er nieuw in is. Een tandarts denkt aan "parodontologie", zijn patiënt tikt "bloedend tandvlees". Een dakwerker denkt aan EPDM, zijn klant aan "plat dak lekt".
Die woorden zet je waar ze opvallen: in de titel van je pagina, in de hoofdkop, in je tussenkoppen en in de tekst van je links. Gebruik ze waar ze in een gewone zin thuishoren. Een woord tien keer herhalen om hoger te komen, valt bij Google onder spam.
Let ook op het verschil tussen België en Nederland. Wie online schrijftips opzoekt, belandt al snel op Nederlandse sites, met Nederlandse voorbeeldwoorden. Een Vlaming zoekt eerder een dakwerker, een Nederlander eerder een dakdekker. Een Vlaamse aannemer spreekt meestal van chape, een Nederlandse van dekvloer. Gebruik het woord dat jouw klanten zeggen; je blaadje van die week vertelt je welk.
Kies voor elk ding één woord en houd het overal vast. Op menige oude site staan "offerte", "prijsopgave" en "raming" door elkaar. Je bezoeker kan dan denken dat het drie verschillende dingen zijn, en twijfelen welke knop hij moet nemen. Hetzelfde geldt voor "afspraak", "reservatie" en "boeking". Kies het woord van je klant, en zet dat ook op de knop.
Een vakterm mag, als dezelfde zin zegt wat erachter zit. Neem de site van De Haarchitect, een kapsalon in Balen. Op de startpagina legt één zin het woord "scalp-analyse" meteen uit: "We starten met een grondige scalp-analyse en kijken verder dan je haar alleen: hoofdhuid, voeding en hormonale balans."

Hoe lang moet een webtekst zijn?
Lang genoeg om de vragen van je blaadje over dat onderwerp te beantwoorden. Elke vraag krijgt haar antwoord, en daar stopt de pagina. Google heeft zelf geen voorkeur voor een bepaald aantal woorden. De woordaantallen per soort pagina die in schrijftips rondgaan, zijn dus geen regel van Google.
Je blaadje vertelt je ook wanneer een pagina te vol wordt. Komt één dienst telkens terug, zoals de huisbezoeken van de kinesitherapeut, geef die dienst dan een eigen pagina met een eigen titel. Wie een huisbezoek zoekt, landt dan meteen op het juiste antwoord en hoeft niet door de rest te scrollen.
Wat wel telt, is dat elke zin één ding zegt. Een zin met drie "of"-takken wordt een korte opsomming. Een zin die je hardop moet herlezen, knip je in twee.
Wat hoort er op elke pagina, naast de tekst zelf?
Een titel, een volgende stap en links die zeggen waar ze naartoe gaan. Ook dat is webtekst, al schrijf je het meestal als laatste.
De titel van elke pagina noemt wat je doet en waar, net als bovenaan je homepage. Elke pagina eindigt met een volgende stap. Wie overtuigd is, moet zonder zoeken kunnen bellen, mailen of boeken, want met elke extra tik loop je het risico aanvragen te missen. Schrijf op de knop wat er gebeurt als hij erop tikt: "Boek je eerste sessie" zegt meer dan "Contact".
Schrijf ook je linkteksten zo dat ze zeggen waar ze naartoe gaan. "Bekijk onze prijzen voor ramen" vertelt je bezoeker en Google meer dan "klik hier".
Mag ChatGPT of een andere AI-assistent je webteksten schrijven?
Laat ChatGPT je helpen met de vragen, en schrijf de antwoorden zelf. Een AI-assistent is goed in brainstormen. Vraag hem welke vragen een klant kan hebben over een nieuwe badkamer of een eerste rijles, en vul daarmee je eigen blaadje aan. Hij helpt ook om een tekst te ordenen.
De antwoorden heeft hij niet, want hij kent je regio, je termijnen en je werkwijze niet. Laat je hem toch de hele webtekst schrijven, dan krijg je het gemiddelde van je vak, met zinnen die ook bij je concurrent passen. Dat geldt net zo goed voor de teksten die een bouwer invult als je je website met AI maakt. Lees ook na wat hij voorstelt voor je titels en voor de tekst bij je foto's. Zet die foto's op maat, want een trage website verliest je lezer nog voor hij een woord leest. Laat je er een hele reeks pagina's mee maken zonder iets eigens toe te voegen, dan kan Google dat als spam zien.
Hoeveel tijd kost zelf schrijven?
Stel dat je een kleine site met zes pagina's schrijft: een startpagina, drie diensten, een pagina over je zaak en een contactpagina. Je rekent per pagina tweeënhalf uur voor een eerste versie, een uur om te herlezen, te laten lezen en te herschrijven, en een kwartier voor de titel en de omschrijving in Google.
| Stap | Per pagina | Zes pagina's |
|---|---|---|
| Eerste versie schrijven | 2,5 uur | 15 uur |
| Herlezen, laten lezen, herschrijven | 1 uur | 6 uur |
| Titel en omschrijving voor Google | 15 minuten | 1,5 uur |
| Samen | 3,75 uur | 22,5 uur |
Lijkt tweeënhalf uur voor één pagina je veel? Denk dan aan de laatste mail waarin je een klant uitlegde hoe je werkt, en hoe lang je eraan schaafde. Een pagina is zo'n uitleg, maar dan voor iedereen die je nog niet kent.
Brengt een uur werk in je zaak 50 euro op, dan steek je voor 1.125 euro aan eigen tijd in je webteksten. Schrijf je 's avonds tweeënhalf uur, dan zijn dat negen avonden. Vul je eigen getallen in, zoals je uurtarief, het aantal pagina's en hoe vlot je schrijft. Schrap in elk geval niet het uur om te herlezen en te laten lezen, want daar vang je de vage woorden en de vragen die je vergat.
Drie toetsen voor elke webtekst, ook een die je niet zelf schreef
Ze werken op je huidige site en op een tekst die iemand anders voor je schreef. De eerste twee doe je in een kwartier; voor de derde heb je een klant nodig die even tijd heeft.
Jaag op vage woorden. Zoek naar "binnenkort", "zo snel mogelijk", "vaak", "enkele", "eventueel" en "veel". Zulke woorden roepen vragen op, of beloven iets wat je klant anders invult dan jij. Doe hetzelfde met "kwaliteit", "professioneel" en "op maat". Vervang elk door een feit, zoals "binnen twee werkdagen", "sinds 2012" of "in Aalst en de buurgemeenten".
Tel je eerste woorden. Tel in de eerste alinea van je startpagina hoeveel zinnen beginnen met "wij", "we" of "ons", en hoeveel met "je" of "jouw". Wint "wij", dan praat je over jezelf. Herschrijf vanuit wat je klant krijgt. "Je auto staat dezelfde dag weer klaar" zegt meer dan "Wij zijn een dynamische garage".
Laat een klant het lezen. Geef je tekst aan iemand die bij jou klant is of zou kunnen zijn, liever dan aan je partner of een collega. Een collega uit je vak kent de woorden al en vindt alles duidelijk, terwijl je klant net over die woorden struikelt. Stel je testlezer daarna vier vragen:
- Vond je op de pagina wat je zocht?
- Begreep je elke zin zonder te herlezen?
- Spreekt de toon je aan, of klinkt het stijf?
- Weet je na het lezen wat je nu moet doen?
Elk "nee" wijst je de alinea aan die je herschrijft.
Wie schrijft je webteksten het best?
Wie eerst naar je klanten vraagt, en pas daarna zinnen maakt. Schrijft iemand anders je teksten, let dan op wat hij in het eerste gesprek wil weten. Wil hij de vragen kennen die je krijgt, je regio, je termijnen en het werk dat je meer wilt, dan komt de inhoud van jou en het schrijfwerk van hem. Gaat het alleen over je logo en je kleuren, dan schrijft hij het gemiddelde van je vak, hoe vlot zijn zinnen ook lopen. Leg zijn eerste versie door de drie toetsen voor je ze goedkeurt.
Veelgestelde vragen
Wat schrijf je in de omschrijving voor Google?
Eén of twee zinnen die zeggen wat je doet, waar, en wat de bezoeker krijgt als hij doorklikt. Google kort die omschrijving in tot ze op het scherm past, dus het belangrijkste staat vooraan. Meestal haalt Google het stukje tekst toch uit je pagina zelf, uit het deel dat het best bij de zoekopdracht past. Een eerste alinea die op zichzelf staat, maakt daar dus ook kans.
Hoe snel zie je een nieuwe webtekst terug in Google?
Sommige wijzigingen zie je na een paar uur, andere pas na maanden. Verander dus niet elke week je titels om te kijken wat er gebeurt. Schrijf ze één keer goed, met de woorden van je klant, en geef Google de tijd.
Moet je bij een bestaande site alles herschrijven?
Nee. Begin bij je startpagina en de dienstpagina die je klanten het meest bekijken, en laat de drie toetsen erop los. Pak je toch alles aan, laat dan de zoekwoorden staan die je nu al bezoekers opleveren, zodat een vernieuwde site zijn plek in Google houdt.
Je webteksten laten schrijven
De eerste stap is een videocall van 30 minuten, waarin een eerste versie van je eigen site al werkt, gratis en nog voor je beslist. Neem daar het blaadje met de vragen van je klanten mee. Wij maken er je tussenkoppen, je eerste alinea en de tekst op je knoppen van. Zelf ben je er in totaal een uurtje mee bezig; wij doen al de rest, van teksten en foto's tot techniek. Je webteksten staan daarna op jouw naam, net als je site, je webadres en je foto's. Plan je gratis demo.





